Skip to main content

Herinneringen aan Meknès in Marokko: verslag van 24 uur in Meknès.

Meknès - Moulay Idriss - Ezeltje
Meknès – Moulay Idriss – Ezeltje

Marokko is geuren, kleuren zien, smaken, voelen, verbazen, stappen, lachen, zonnen, zwemmen, rusten, ontspannen, enz. Dat was niet anders voor ons. Wij deden vele indrukken op tijdens een onvergetelijke reis. En die wil ik met jullie delen. Tweede halte van onze trip (verblijf van anderhalve dag) (in oktober 2017) was de oude koningsstad Meknès, de kleinste van de vier koningsteden. In het oude centrum liggen alle hoogtepunten op wandelafstand van elkaar. Meknès is ook de ideale uitvalsbasis voor een (halve) daguitstap naar Volubilis, een Romeinse stad in ruïnes, en naar Moulay Idriss, een Islamitisch pelgrimsoord. Heb je interesse in het ganse Reisboei verhaal over Meknès? Klik dan op de rode ‘lees meer’ knop: een samengebald verslag van 24 uur in Meknès. Heb je interesse in andere verhalen over Marokko? Klik dan hier voor ‘Marokko: de teaser’

08:00 Ontbijten @ Riad Lahboul.

Na een goede nachtrust en een verkwikkende douche, schuiven we aan het ontbijt aan, bereid en klaargezet door de Engelse gastheer Simon en zijn Marokkaanse vrouw Moena, eigenaars van deze prachtige riad.

Dat de gastheer, Simon, een buitenlander is, goed Frans en Engels praat, en praatgraag is, is erg leuk want zo komen we wat te weten over het ontbijt, de stad, zijn levensgeschiedenis en de geschiedenis van het land.

Over het ontbijt benoemt hij enkele dingen zoals ‘musmen’, gemaakt van filodeeg en boter, en ‘hamaar brood’, ongerezen brood. Mijn schrijfwijze is hoogstwaarschijnlijk niet correct. Andere etenswaar op de ontbijttafel zijn stokbrood, gekookt ei, jam, yoghurt, verse platte kaas, honing, boter, olie, peper & zout, komijn (Dit doen Marokkanen op hun gekookt eitje, samen met een snuifje zout, zegt Simon), fruit (banaan, peer, appel, clementinen), versgeperst sinaasappelsap, koffie en/of thee. Het is een uitgebreid en zeer lekker ontbijt.

De familiegeschiedenis – Met Simon de gastheer hadden we de avond voordien reeds kennisgemaakt, toen we incheckten. We werden toen hartelijk verwelkomd door de Engelsman en we werden na de administratie meteen rondgeleid in hun erg grote riad: vele kamers, een grote eetzaal, en een groot dakterras met vele planten in potten en zitbanken (Er vloog net een grote groep ooievaars over!). Alles is mooi traditioneel ingericht, met tegeltjes, abstracte motieven, kussentjes, zitbanken, in felle kleuren, tapijten. Deze zeer mooie riad is het resultaat van een grondig renovatieproject waarin de ganse (Marokkaanse) familie van Simon en Moena hebben geïnvesteerd. Dat was negen jaar geleden toen Simon en Moena beslisten met hun kinderen van Engeland terug naar het geboorteland van Moena te verhuizen. Ondertussen zijn ze al twintig jaar gelukkig getrouwd. Simon is een heerlijke gastheer en lekker relaxed. Deze riad verdient zijn booking.com quotering.

Meknès - Riad Lahboul
Meknès – Riad Lahboul

De planning voor vandaag – Simon vroeg toen wat we al gezien hadden, hoelang we al in Marokko waren, hoelang we zouden blijven, wat we nog van plan waren te doen en wat we in Meknès wilden bezoeken. Hij haalde daarop een zeer onduidelijk plannetje van Meknès boven waarop hij de belangrijkste bezienswaardigheden van de oude stad en Ville Impéreale aanduidde. We spraken af dat hij morgen na het ontbijt vervoer voor ons zou regelen die ons in vier uur naar de oude Romeinse stad Volubilis en het heiligdom van Moulay Idriss en terug naar Meknès centrum zou voeren, waar we dan zelf alle hoogtepunten zouden kunnen ontdekken. Da’s dus wat we vandaag zullen doen!

09:30 Volubilis.

Abdullah, onze chauffeur van vandaag, arriveert stipt om 9 uur. We vertrekken. We rijden de stad uit (hier zijn de huizen niet mooi) en zien onderweg veel landbouwgronden: dorre afgemaaide akkers, vijgenbomen, maar vooral heel veel olijfbomen. De olijfbomen werden geïntroduceerd door de Romeinen en Volubilis, de Romeinse stad in deze regio, is rijk geworden dankzij de teelt en verkoop van olijven en olijfolie. Om 9u30 arriveren we.

Geschiedenis – Volubilis was een stad in Mauritanië: Tingitana. Koning Ptolemaeus van Mauretanië werd vermoord in opdracht van Keizer Caligula waarna die Mauritanië annexeerde als een nieuwe provincie van het grote Romeinse Rijk. Volubilis werd gepromoveerd tot provinciale hoofdstad.

Volubilis was gesitueerd in een zeer vruchtbaar gebied. De economie was gebaseerd op de olijfolie productie. Ook vandaag de dag is die nog steeds belangrijk. Daarnaast bracht ook de vangst en transport van vele wilde dieren naar amphiteaters (Colloseum in Rome) geld op. Na een dikke 200 jaar Romeinse heerschappij (42-285 AD), waren de leeuwen, berber beren en olifanten (lokaal) min of meer uitgestorven.

Meknès - Volubilis - Vergezicht
Meknès – Volubilis – Vergezicht

Hoogtepunten van Volubilis zijn het Capitool, het basilicum, de triomfboog en de verschillende mozaïeken in de villa’s. De andere verplaatsbare monumenten zijn ondergebracht in musea, vnl. in het Archeologisch Museum van Rabat.

Op het Capitool werd een tempel gebouwd, gewijd aan Jupiter, Juno en Minerva. Wat overblijft, zijn een trap en een rij zuilen. Ook hier in de buurt vindt je het Basilicum, het Forum en de Thermen van Galianus. Wat verder aan het begin van Decumanus Maximus, de hoofdweg, siert een triomfboog de vervallen stad. Dit is de triomfboog van Caracala die gebouwd werd in 217 AD, ter ere van Caracala, een Romeins keizer uit de Severius dynastie en afkomstig uit Afrika. Recent werd ze terug in volle glorie heropgebouwd. Het paleis van Gordiaan is een paleis van 4488 m² dat werd gebouwd onder het keizerschap van Gordiaan tussen 238 en 244 AD. Aan het einde van Decumanus Maximus staat de Poort van Tanger, het verste punt van de opgravingen.

Volubilis telt vele villa’s met mooie mozaïeken die ook de naam aan de villa gaven. Zo heb je het Huis van Morpheus (mythologische figuur met lier), het Huis van de acrobaat/atleet (Hier stond ook het bronzen beeld ‘de blaffende hond’), het Huis met de ruiter (standbeeld, dat verhuisd werd naar Rabat) of het huis van Bacchus en Ariadne aan het strand van Naxos (mozaïek), het Huis met de werken van Hercules (Mozaïek). Langs de Decumanus Maximus, de hoofdstraat, zijn nog resten van vele villa’s met mozaïeken, zoals het Huis van de badende nymfen, het Huis van de wilde dieren, het Huis met de Stoet van Venus (mozaïek). In deze laatste villa werden de bronzen bustes van ‘Cato de jongere’ en van ‘Juba II’ ontdekt. Deze zijn nu te bewonderen in het Archeologisch museum van Rabat.

eknès - Volubilis - Mozaïek
eknès – Volubilis – Mozaïek

Museum – Bij de opgravingen van Volubilis, werd ook een klein, goed museum gebouwd. Thema’s zijn o.a. de mozaïeken in Volubilis (twee Prachtige mozaïeken hangen hier), de goden (Lokaal, Grieks-Romeins, Arabisch en Oriëntaal), de economie en de olijfolie productie (enkele maalstenen).

12:00 Moulay Idriss.

In een kwartiertje rijden brengt Abdullah ons tot bij Moulay Idriss, of vertaald ‘Koning Idriss’. Dit is een dorpje op een heuvel met een zeer belangrijk bedevaartsoord/heiligdom ter ere van deze historische figuur. Maar voor buitenstaanders zoals wij, is het gewoon een zeer pittoresk wit dorpje op een heuvel met mooie vergezichten. Het mausoleum van Idriss is trouwens niet toegankelijk voor niet-moslims. Het mausoleum werd herbouwd door Moulay Ismail in de 17de eeuw.

Wie is Moulay Idriss? Moulay Idriss El Ahkbar (Koning Idriss de Grote) was een achterkleinkind van de profeet Mohammed, een kleinkind van Fatima en Ali, resp. de dochter en de neef (en eerste volger) van de profeet. Hij moest vluchten uit Damascus in 787 na de grote burgeroorlog en de overwinning van de Ummayaden en belandde in Volubilis waar hij welkom geheten werd als imam. In deze streek bouwde hij een koninkrijk uit en stichtte Fez en dit was de start van de Aliden dynastie en het eerste koninkrijk van Marokko.

Meknès - Moulay Idriss
Meknès – Moulay Idriss

We worden aangesproken door een gids. We wimpelen hem af en gaan verder maar niet veel later duikt hij weer op. We dulden hem omdat het een wirwar van straatjes is waar je snel de weg kwijt geraakt en vanalles daardoor mist. Het zal idd. blijken achteraf dat hij toch een hulp is geweest.

Hier volgt wat van zijn uitleg. Meestal zijn het dingen die oppervlakkig zijn, en elke inwoner kent en die je ook in reisgidsen terugvindt. Want die lokale gidsen zijn vaak niet goed opgeleid en vertellen enkel algemene kennis.

De drie gouden, verticaal gespietste bollen die je overal op moskeeën en overheidsgebouwen ziet staan, staan nationaal symbool voor de staat, de koning en de stad, en internationaal voor de drie godsdiensten. Deze vind je op het mausoleum terug en overal in Marokko.

De gids heeft het vaak over de Arabische en Berber zijde / wijk in het dorp en wijst ons vaak op de voordeuren van huizen: de Arabische dragen bloemsymbolen en deurbellen voor kinderen en voor mannen/vrouwen. Want in de deur zit een kleine deuropening voor kinderen; de Berber deuren dragen de hand van Fatima.

Meknès - Moulay Idriss - Arabische voordeur.
Meknès – Moulay Idriss – Arabische voordeur.

In Moulay Idriss vind je ook de enige ronde minaret van Marokko terug. Ze is bedekt met groene tegels met koran verzen op in Arabisch schrift en het bouwjaar volgens de islamitische kalender (1358) en de Franse/christelijke kalender (1939).

Onderweg en terug aan het mausoleum wil ik foto’s van mannen op ezels, de lokale taxi’s, nemen maar die wapperen allemaal met het vingertje. In’t geniep dan maar.

De gids vertelt nog over de gouden deur, langs waar de koning het mausoleum binnengaat. Ze is niet van goud maar van duur hout en is versierd met gouden pinnen en deurklinken. En er ligt een houten balk dwars over de weg die naar het mausoleum leidt. Moslims zijn dus verplicht te buigen voor Moulay Idriss als ze binnen willen gaan.

Terug bij Mausoleum, het startpunt van de wandeling, geven we de gids spontaan 50 dh (bijna 5 euro). Hij pruttelt nog wat tegen maar Wim geeft hem een schouderklopje en zegt:”Het zal wel genoeg zijn, zeker!” De gids glimlacht en zegt dat het ok is.

Buiten het dorpje stopt Abdullah, onze chauffeur, bij een uitkijkpunt : hier schieten we mooie plaatjes van dorp Moulay Idriss op de heuveltop.

13:30 Meknès centrum en Moulay Ismaïl.

Na een half uur rijden zijn we terug in Meknès en worden we afgezet door Abdullah aan Hri Souani, de koninklijke stallen van Moulay Ismail.

Wie was Sultan Moulay Ismaïl?

Deze sultan regeerde van 1672 tot 1727. Hij behaalde vele militaire overwinningen op de Berbers in het zuiden en op de Europeanen in Tanger en andere plekken in Noord-Marokko en maakte van Marokko terug één groot koninkrijk. Tijdens zijn bewind vond de laatste grote bloeiperiode van Marokko plaats. Hij behoorde tot de dynastie van de Alaouieten die al sinds 1666 tot op de dag van vandaag onafgebroken over Marokko heersen.

Moulay Ismail was ook een tiranniek vorst, zelfs naar Europese standaarden. Moulay Ismaïl vergeleek zijn onderdanen met een zak ratten: als je de zak ratten laat liggen, eten ze zich een weg naar buiten; als je de zak ratten in beweging houdt dan hebben ze daar geen tijd voor. Kortom, Koning Ismaïl was een wrede sultan. Hij zou eigenhandig een willekeurige onderdaan doden die hij op zijn pad tegenkwam als hij een slecht humeur had of om een andere onzinnige reden.

Maar hij wordt vandaag erg bewonderd door de inwoners van Meknès en Marokko omwille van zijn architecturale verwezenlijkingen (hij had een onstuitbare bouwwoede in Meknès en in Marokko) en de politieke stabiliteit en bloeiperiode die hij het land gaf.

Hoogtepunten van Meknès centrum:

Na een bezoek aan de koninklijke stallen (10 dh, 20 min), Hri Souani, en de fontein en vijver van ‘Bassin Souani’, wandelen we in een klein uurtje tot Bab Mansoer, via de hoge muren van het streng bewaakte Dar El-Makhzen (het koninklijk paleis), de koninklijke golfclub, het mausoleum van Moulay Ismail (Dit is in restauratie, dus niet open voor publiek, maar het schijnt wel zeer de moeite te zijn!) en Place Lalla Aouda. De poort van Bab Mansour is gesloten. Ik dacht dat je dit kon bezoeken, maar niet dus… tenzij het al gesloten is voor vandaag (15 uur). We steken het Ladhim plein over (hier in volgend hoofdstukje veel meer over) en duiken de soeks in en belanden bij Medersa Bou Inania, een voormalige koranschool die nu open staat voor toeristen. Deze Medersa heeft een zeer mooi binnenplein met centraal waterbekken.

Meknès - Hri Souani.
Meknès – Hri Souani.
Meknès - Dar El-Makhzen - Hoge Muren.
Meknès – Dar El-Makhzen – Hoge Muren.
Meknès - Bab Mansour
Meknès – Bab Mansour
Meknès - Medersa Bou Inania
Meknès – Medersa Bou Inania

15:30 De soeks en Ladhim plein.

We maken een wandeling door de soeks in de Medina en snuiven de sfeer op, de beelden, de geuren, de drukte. Indrukken komen van alle kanten: je hebt ogen tekort. Als je de Medersa uitkomt, hebben we rechts afgeslagen en dan steeds rechtdoor gelopen langs winkels met vnl. (sportieve) kleding en (sport)schoenenwinkels, de tapijtensoek, en juwelen shops tot aan de stadsmuur. Hier zijn we rechts gegaan voorbij de werkplaatsen van de schrijnwerkers, de ijzersmeden, de muziekinstrumentenbouwers (dit is het verste punt aan Bab El Jedid). Dan ga je Bab El Jedid door en keer je terug. Hier vind je stoffeerders en tentenmakers (naaiateliers). Dan volgen we de stadsmuur (onduidelijk door aanbouwen) terug via Rue Sekakine naar Lahdim plein. Onderweg wordt het een echte markt (zoals de zondagsmarkt op Theaterplein in Antwerpen) en hier is het drummen en over de koppen lopen en op je spullen letten. Je vindt hier alles: huishoudspullen, schoonheidsspullen en cosmetica, kleding, schoenen, accessoires, ondergoed, electronica, prullen, enz. Eigenlijk is Meknès Medina één grote openlucht markt.

Meknès - Soek Atriya
Meknès – Soek Atriya

Drie kwartier later staan we terug aan het Lahdim plein, het centrale, beroemde en chaotische plein van Meknès waar altijd wel iets te beleven valt. We wandelen eventjes door de overdekte markt ‘Soek Atriya’ (vnl. etenswaar als olijven, kruiden, specerijen, zoet snoepgoed, pralines, levend gevogelte en konijnen die ter plekke geslacht worden) en keramiek (tajines in alle formaten en kleuren, kookpotten, kruiken, enz.) en zetten ons dan op een terrasje (colaatje drinken) van het Lahdim plein. We kijken naar de voorbijgangers en zien het plein langzaamaan drukker worden.

Meknès - Lahdim Plein
Meknès – Lahdim Plein

Lahdim plein: dit spreek je uit als Lahádim. Het is zaterdagavond (18u00) en superdruk geworden. Op dit centrale plein komt de ganse stad samen en hier word je geëntertaind door verhalenvertellers, berberaapjes, door een ritje op een struisvogel of klein paard (voor kinderen), door een spelletje dat behendigheid vergt (met een rubberen ring aan een lang beweeglijk touw aan een lange beweeglijke stok dat je over een flessenhals moet krijgen; dit doen we mee voor 10 dh voor 2 personen), straatartiesten, en… slangenbezweerders. Eentje begint te toeteren en de slang in de zak begint te bewegen, een ander heeft ons gespot en legt ongevraagd een slang rond de nek van Wim en sleurt z’n handen uit z’n zakken en legt ze op de kop en de staart van de slang. “Grijpen!”, zegt hij.. Ik neem dan maar een fotootje. Dan volgt mijn nek. En tenslotte volgt de clou: de betaling van 100 dirham of tien euro. We zijn in de toeristenvalkuil gesukkeld. Wat wordt dat in het drukke en supertoeristische Fez en Marrakesh?

19:00 Een Marokkaans diner in Riad Lahboul.

In een zijstraat van het Lahdim plein, heb je twee authentieke Marokkaanse restaurants ‘Ya Hala Meknes’ en ‘Mille et une nuites’. Volgens Simon van onze riad Lahboul, waar we lang met gesproken hebben, zijn deze restaurants aanraders die dagvers koken. Als wij er passeren, lijken de beider zaken gesloten.

De eerste avond hebben we gedineerd bij ‘Le Collier de la Colombo, restaurant spécialité Marocaine et Internationale’, in Rue Rouamzine (19u30 tot 21u00). We bestelden vlug maar moesten 50 minuten op ons eten wachten… Ze hadden een bus Hollanders binnen gegooid en die gingen blijkbaar voor… . Mijn keuze was een steak medium gebakken met gekookte en Marokkaanse gekruide wortelen, erwtjes en ajuinen als bijgerecht. Ik vond het lekker en goed van smaak. Dit vlees proefde je tenminste. Dat was in Rabat veel minder het geval. Wim’s tajine was ook goed. De Hollanders hadden om acht uur al gedaan met eten en babbelden nog een halfuur over koetjes en kalfjes en daarna volgde nóg een halfuur discussie over de rekening. Die gierige Hollanders toch: geen Dirham teveel willen betalen.

Vandaag gaan we genieten van de kookkunsten van de vrouw des huizes, Moena van Riad Lahboul. Om acht uur worden we verwacht. Om 19u50 gaan we beneden eens kijken in de lounge of het eten al gereed is. We treffen daar Simon de gastheer aan. We babbelen wat over de voorbije dag en het onderwerp komt terecht op Moulay Ismaïl.

Ismaïl was -dat dacht ik al- zegt Simon een totale gek. Hij stelde 50.000 tot 150.000 slaven te werk (afhankelijk van welk bron je consulteert) voor zijn megalomane bouwprojecten. Het waren vooral blanke slaven uit Europa. Hoe kwam hij daaraan? Er waren Berberse piratenbastions in Salé, Algiers en Tunis die de Europese wateren teisterden en dood en vernieling stichtten aan diens kusten en blanke christenen gevangen namen en verkochten als slaven in Afrika o.a. aan Moulay Ismaïl.

Hij zou 500 vrouwen hebben gehad en meer dan 1000 kinderen. De opvolging was verzekerd. Een beetje te goed eigenlijk want z’n nakomelingen bakeleiden (om het zacht uit te drukken) na Ismaïl’s dood wie z’n opvolger zou worden.

Hij was ook een erg wreed man en zou eigenhandig meer dan 30.000 mensen gedood hebben.

Meknès - Riad Lahboul - Marokkaans Diner
Meknès – Riad Lahboul – Marokkaans Diner

Om 20u15 start het Marokkaans diner in Riad Lahboul, klaargemaakt door Moena. Het voorgerecht zijn verschillende kommetjes met groenten: fijne gesneden frisse wortelsla, rode bieten in brunoise, gestoofde aubergine en warme tomaten-paprika sausje. En brood. Het hoofdgerecht bestaat uit lekkere rijst en rundstoofvlees met pruimen en sesamzaad. Het nagerecht is een chocolade-slagroom patéke van bij de lokale pattissier. Ik vind het allemaal zeer lekker. En dat zeg ik ook tegen Simon. “You’re wife did an excellent job!”. Tijdens het dessert komt z’n vrouw eens kijken naar haar ‘eters’. Ik zeg dat ik geen pap meer kan zeggen en dat ik m’n buikje heb rond gegeten. Ze moet eens lachen.

We hebben ook nog een wijntje bijbesteld (van 200 dh!): een Marokkaanse wijn uit de buurt van Rabat, ‘La Petite Ferme – rouge’ van het plateau ‘Zaërs’, Vallée de Rommani. Rode wijn van 13% alcohol. Ik vind hem niet echt goed maar ik ben dan ook zelden fan van rode wijn. Misschien beter witte wijn besteld.

Het is ondertussen halfelf ‘s avonds geworden: alle schotels zijn leeg (behalve die van de rode biet, dat lust ik niet echt), de bodem van de fles rode wijn is bereikt, de verhalen zijn verteld en de grapjes zijn op.Het is tijd om te gaan slapen. Morgen volgt er weer een drukke dag. Tot dan!

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: